Richtlijn arbeidsmiddelen

Elk Nederlands bedrijf moet voldoen aan de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet).
In artikel 5 van de Arbowet is geregeld dat een risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) door de werkgever moet worden opgesteld. Bij vrijwel elk bedrijf worden verschillende soorten arbeidsmiddelen (lees: machines) gebruikt. Een beoordeling van de arbeidsmiddelen/machines is een aanvullend verdiepend onderzoek als onderdeel uit de RI&E algemeen. Dit is vastgelegd in hoofdstuk 7 van het Arbeidsomstandighedenbesluit.

Op zoek naar advies bij implementatie van de Richtlijn arbeidsmiddelen?

Arbeidsmiddelen kunnen op basis van hun bouwjaar globaal worden onderverdeeld in bestaande arbeidsmiddelen (bouwjaar van voor 1995) en nieuwe arbeidsmiddelen (bouwjaar na 1995 en later).
'Nieuwe' arbeidsmiddelen die voldoen aan de definitie ‘machines’ moeten minimaal voldoen aan de Machinerichtlijn (2006/42/EG laatste versie per 31 december 2009). Deze machines zijn herkenbaar aan de CE markering, vaak op of bij het typeplaatje van de machine. Theoretisch gezien voldoen deze machines dan al aan de eisen zoals vast gelegd in hoofdstuk 7 Arbowet, echter de werkgever heeft altijd de verplichting dit zelf te toetsen en bij tekortkomingen aan de CE gemarkeerde machine(s) actie(s) te ondernemen.

In deze risicobeoordeling zijn alle productie machines beoordeeld en is bepaald of er voldaan wordt aan de Richtlijn Arbeidsmiddelen (Arbobesluit Hoofdstuk 7).

De Europese richtlijn arbeidsmiddelen schrijft voor hoe arbeidsmiddelen op een veilige manier ingezet dienen te worden. De richtlijn is opgenomen in het Warenwetbesluit machines en schrijft de verplichting onder andere voor tot het maken van een RI&E. Verder kan gedacht worden aan werkinstructies.